De zone Lageweg is al jaren het lelijke eendje van Hoboken. Industriële fabriek blijft leeg staan en de werkloosheidscijfers pieken. Maar er is hoop: door bestaande en nieuwe bedrijven, huizenen scholen beter aan elkaar te koppelen, kan de buurt opnieuw een bloeiende wijk worden. 

Vlakbij een job vinden en na het werk samen sporten: de jongeren in de buurt zien het helemaal zitten  Veva Roesems van de stad Antwerpen

Vijftig jaar geleden was de Lageweg een levendige werk- en woonwijk. De hobokenaars werkten er in de fabrieken, ondernemers deden goede zaken en buurtbewoners konden er na hun werk een pintje gaan drinken. Maar sinds 2000 raakt de buurt verloederd. Huizen en bedrijven staan er tussen lege fabrieksgebouwen vol graffiti. “Die leegstaande gebouwen en terreinen willen we gebruiken om opnieuw een levendige wijk te creëren”, vertellen projectregisseurs Dieter Leyssen en Veva Roesems. “Er komt niet alleen ruimte voor bedrijven, maar ook voor woningen, een park, onderwijs en ontspanning.”

Werken en wonen

Een groot stuk van de Lageweg (ongeveer 30 hectare) wordt straks opnieuw een stadsdeel waar nieuwe (maak)bedrijven terecht kunnen. Er komt een grootstedelijk parkwaardoor de buurten opnieuw met elkaar verbonden worden. Het wordt een park met verschillende sferen zowel voor de mens als de natuur. Rondom het park zijn er de bestaande en nieuwe woningen en publieke voorzieningen zoals scholen, cultuurruimtes, ruimte voor jongeren, voor kinderen en sport

“Het lijkt misschien raar dat we huizen en bedrijven in dezelfde wijk willen onderbrengen. Maar de buurtbewoners zien het wel zitten”, meent Veva Roesems. “De combinatie zit in het DNA van de buurt. Veel oudere mensen herinneren zich nog de jaren dat ze hier vlakbij een job hadden. Men raakt makkelijk op het werk en ’er is ruimte voor ontmoeting en spel. Daar hebben de jongeren ook wel oren naar. Met de blikfabriek is er een aanbod aan sport, muziek, maak ateliers Dit brengt een buurt net tot leven.”

In overleg

De stad gaat de nieuwe wijk niet zelf ontwerpen, maar stapt mee in een innovatief en proces met de eigenaars, de buurtbewoners en het district Hoboken. Er wordt in coalitie gewerkt. Tijdens infomomenten wordt de buurt betrokken. Op de eerste bijeenkomst in de plaatselijke school waren al heel wat mensen aanwezig.

“De samenwerking is belangrijk, want de stad Antwerpen heeft zelf weinig grond in het gebied. Er is vandaag een tekort aan publieke ruimte, maar ook aan ruimte voor jeugd, onderwijs en spel. Als de ontwikkelaars nieuwe werk en woonplekken bouwen stijgen de tekorten. Deze voorzieningen zoals parken of sportterreinen moet op gronden van de privé-eigenaars. Om de lusten en de lasten eerlijk te verdelen, werken we over de grenzen van percelen heen. Iedereen moet er beter van worden”, zegt Dieter Leyssen. “Zes grote grondeigenaars hebben een samenwerkingsovereenkomst getekend. We onderzoeken nu hoe ze best kunnen samenwerken, bijvoorbeeld via een grondenbank.”

Noden van de buurt

Op basis van de verschillende meningen tekent het ontwerpbureau PTArchitecten samen met 1010 en POLO een plan uit. Daarvoor blijven ze niet aan hun bureau zitten: ze gaan eerst op stap om te bekijken hoe de buurt er vandaag uitziet. Huizen en bedrijven waar al mensen wonen en werken, mogen hun plaats behouden. Voor leegstaande gebouwen en terreinen wordt een nieuwe bestemming gezocht. In tussentijd kan die locatie al gebruikt worden, want leegstand is negatief voor de buurt. “Als we wachten tot het hele plan klaar is, kunnen we pas binnen tien jaar beginnen aanpassen. Daarom gaan we in kleine stapjes werken, zodat we sneller resultaat zien”, legt Dieter Leyssen uit. “Om te beginnen willen we mensen tonen dat er achter de huizen en bedrijven heel wat groen verstopt ligt. Dat kan de buurt echt wel gebruiken. Een groene verbinding door het terrein behoort zeker tot de mogelijkheden.”

In leegstaande gebouwen heeft een projectpartner enkele ideeën opgesteld met de buurtmanagers gerealiseerd. De hangars zijn buurtcafé, avonturenmark, skatehal, muziekcentrum, indoor voetbal, maakatelier, … is . Dieter Leyssen: “Sinds kort vind je in de buurt de vzw IetStof: daar kunnen jongeren ideeën uitwerken om oude kleren een nieuwe bestemming te geven. Garrincha opende verschillende indoor voetbalterreinen waardoor de nood aan sportterrein reeds werd opgelost.” Vervuilende industrie komt er niet meer in: de partners zoeken echt naar leuke activiteiten en fijne, milieuvriendelijke en innovatieve bedrijven.

Allemaal samen

Al die vernieuwingsplannen kunnen de buurtbewoners misschien wat bang maken. Maar dat is nergens voor nodig, zegt Veva Roesems geruststellend. “Het is zeker niet de bedoeling om de zone tien jaar af te sluiten en dan een gloednieuwe wijk af te leveren. De Lageweg ziet er vandaag wat rommelig uit, maar de buurt biedt veel mogelijkheden. de verandering wordt maximaal ingezet vertrekkend vanuit het bestaande, want dat is waardevol. Er komt ruimte voor nieuwe bedrijven, er komt een variatie aan woningen. Er wonen vandaag al veel jongeren die graag willen doorstromen naar de arbeidsmarkt. Kunnen voetballen, spelen en ontdekken is voor kinderen in hun wijk broodnodig …”

Bedrijven en wonen kan gemengd worden.

“Als we naar het buitenland kijken, zien we dat het kan. In het Zwitserse Basel wonen veel mensen bijvoorbeeld in een appartement boven een tramstelplaats, het project Kalkbreite is een mooi voorbeeld van hoe de aansluiting met de wijk gerealiseerd kan worden. Of in Oslo rijdt men met een volgeladen fiets met boodschappen tot in de living , makkelijk, toch? De combinatie van wonen boven een werkplaats is daar heel normaal. Zoiets willen we hier ook bereiken. Het is natuurlijk een leertraject: we zullen moeten uitproberen wat werkt en wat niet. Maar als we met de hele buurt samenwerken, komen we zeker tot een mooi resultaat.”

PPTiO3 Lage weg - Hoboken Stad Antwerpen en partners

Tijdlijn

Pilootproject Terug in Omloop Tijdlijn

Bekijk de tijdlijn (website stad Antwerpen)

Locatie

Gebied rond de kruising van de Lageweg en de Krugerstraat in Hoboken

Projectregisseur

Dieter Leyssen, 51N4E